Logo

WeBible

29. Toen zeide de koning: Is het wel me...

2 Samuel

Chapter 18 : Verse 29

29 / 33

Toen zeide de koning: Is het wel met den jongeling, met Absalom? En Ahimaäz zeide: Ik zag een groot rumoer, als Joab, den knecht des konings, en mij uw knecht afzond, maar ik weet niet wat.

2 Samuel 18:29